Je kind leren nee te zeggen

19 juni
Gezinsfundament
We willen graag dat onze kinderen voor zichzelf op komen en in staat zijn om nee te zeggen. Op jonge leeftijd wanneer iemand een ander kind iets afpakt of een spelletje wil doen dat jouw kind niet leuk vindt. Wanneer ze iets ouder zijn, wanneer ze gepest worden, of wanneer ze uitgedaagd worden om mee te doen met alcohol drinken, drugs gebruiken, sexting (het versturen van seksueel getinte foto’s via internet of mobiele telefoon) of het vernielen van een bushokje. Hoe kunnen we kinderen leren dat ze nee mogen zeggen en op een goede manier hun grenzen aan te geven?

Vier tips om je kind hierbij te helpen

1. Geef je kind thuis ook de vrijheid om een eigen keuzes te maken.

Wanneer je voorstelt samen iets te gaan doen, heeft je kind dan keuzevrijheid of bepaal jij wat jullie gaan doen? Wanneer je kind graag iets wil gaan doen met een vriendje, mag dat meestal of heb je vaak bezwaar? Als je kind even geen zin heeft om met je te praten, respecteer je dat dan? Wanneer je kind thuis merkt dat zijn eigen wil er mag zijn en het gerespecteerd wordt wanneer hij iets niet wil, dan helpt hem dit om ook naar leeftijdsgenoten of naar die vreemde met verkeerde bedoelingen, nee te zeggen. Kinderen die thuis geen ruimte krijgen om dingen zelf te bepalen en nee te zeggen, hebben snel het idee dat dit zo werkt in het leven, dat hun eigen mening er niet toe doet.

Nu denk je misschien: maar bepaalde dingen moeten toch gewoon gebeuren? Moet ik mijn kind dan overal vrij in laten? Nee, dat hoeft niet. Je kunt je kind namelijk ook binnen de dingen die nou eenmaal moeten gebeuren, wel keuzevrijheid geven. Bijvoorbeeld als de pyjama aan moet om naar bed te gaan, kun je je kind vragen: “welke van deze twee pyjama’s wil je aan?” Of als jullie op visite gaan naar oma terwijl je kind een spelletje aan het doen is, kun je vragen: “wil je het spelletje meenemen naar oma?” Zo stimuleer je de keuzevrijheid van je kind.

2. Geef zelf het goede voorbeeld.

Kinderen nemen veel gedrag over van hun ouders. Ze kijken naar jou, hoe jij dingen doet, en doen je na. Zo leren ze hoe ze dingen kunnen doen, bijvoorbeeld in sociale situaties. Dit geldt ook op het gebied van nee zeggen. Bewaak jij jouw eigen grenzen? Zeg jij nee als iemand iets vervelends doet of als je gevraagd wordt een extra klus te doen terwijl je eigenlijk geen tijd hebt? Stel je duidelijke grenzen in de opvoeding van je kinderen? Je kinderen zien hoe jij omgaat met situaties waarin andere mensen over jouw grenzen heen dreigen te gaan. Je lichaamstaal vertelt hen dat dit iets is wat je eigenlijk niet ziet zitten. Zorg dat jouw manier van reageren op zo’n moment een goed voorbeeld is voor je kinderen. Vind je het zelf moeilijk om nee te zeggen? Lees dan eens het boek ‘Grenzen – Wanneer zeg ik ja, wanneer zeg ik nee, hoe bepaal ik mijn eigen grenzen’ van Henry Cloud & John Townsend.

3. Ga met ze oefenen door middel van een rollenspel.

Als je kinderen het moeilijk vinden om nee te zeggen, kun je dit met hen gaan oefenen. Neem een situatie die in het dagelijks leven van je kind regelmatig terugkomt, bijvoorbeeld een vriendje die vraagt om mee te doen met iets wat je kind eigenlijk niet wil. Of neem een situatie waarin je het heel belangrijk vindt dat je kind hierin goed nee kan zeggen, bijvoorbeeld als een vreemde hem vraagt om mee te gaan. Leg uit dat de mening van je kind er toe doet en dat als hij iets niet wil, het niet hoeft. Vertel dat je gaat oefenen hoe je nee kunt zeggen. Doe het eerst een keer voor en laat je kind een aantal mogelijke reacties nazeggen, bijvoorbeeld “nee, dat wil ik niet”. Daarna maak je er een rollenspel van: jij speelt het vriendje en vraagt je kind om mee te doen met datgene wat jouw kind niet leuk vindt, en je kind mag nee zeggen. Geef je kind complimenten dat hij het goed zegt en oefen nog eens extra om je kind te leren dat hij heel stellig mag zijn hierin. Leer hem ook om aan te geven wat hij wel wil (in de situatie met het vriendje) of om na het nee zeggen door te lopen (bij de vreemde). Door het oefenen, heeft je kind al ervaring met nee zeggen en wordt het makkelijker om nee te zeggen wanneer het echt nodig is.

4. Lees er samen een boek over.

Sanderijn van der Doef schreef het boek ‘Nee ! – een boek over nee en ja zeggen’. Dit kun je samen lezen. Tijdens het lezen kun je over de beschreven situaties doorpraten: heeft je kind dit wel eens meegemaakt? Wat zou hij zeggen? Hoe zou hij reageren? Hoe zou hij willen reageren?

Succes met het leren nee zeggen!

Gezinsfundament

Stichting Gezinsfundament geeft ouders praktische tips, inspirerende verhalen en leuke ideeën over opvoeding. Dit doen we door middel van blogs, seminars, live webinars en persoonlijk advies. We combineren Bijbelse en wetenschappelijke inzichten.

Tags
In gesprek
Literatuurtip
Gezinsmomenten rond verhuizing

Een verhuizing is een grote overgang voor je kind. Daarom is het goed om je kind erop voor te bereiden. Deze handreikingen voor gezinsmomenten helpen je daarbij. Er zijn Bijbelgedeelten en vragen om te praten over Bijbelse personen die gingen verhuizen. Samen met je kind ontdek je hoe het voor hen was en wat God voor hen betekende in die tijd.

Magazine Geloof in het gezin

Bij de lancering van de website hebben wij een eenmalig magazine uitgegeven met interessante artikelen, handige tips, overzichten, ervaringsverhalen, links en nog veel meer. Inspirerend om zelf te lezen, maar ook opbouwend om samen met een vriendin te bespreken of op een opvoedkring te behandelen!

Bekijk het magazine hieronder online.

De allerbeste wensen. Aan de slag met opvoedingsidealen

Een boek over opvoedingsidealen dat richting geeft aan ouders om dagelijkse keuzes te maken. Het boek is ook geschikt om met uw partner of met een kring te bespreken door de gespreksvragen die erin staan.

Dit boek gaat over jouw handelen als opvoeder en je opvoedingsidealen die hieronder liggen. Het nadenken over die idealen en de praktische invulling ervan blijkt voor veel ouders motiverend en helpend. Vanuit de Bijbel doen de auteurs je handreikingen om na te denken over je eigen opvoedingsidealen en over hoe je die in praktijk kunt brengen.

Ieder hoofdstuk stelt een door ouders veel genoemd opvoedingsideaal aan de orde: een gelovig kind, een gelukkig kind, een sociaal kind, een zelfstandig kind, een succesvol kind en een verantwoordelijk kind. Naast informatie over het ideaal bevat elk hoofdstuk voorbeelden, verwerkingsopdrachten, verdiepingskaders en een Bijbelstudie. Het boek is uitstekend geschikt voor een kring of cursus over opvoeden en kan ook goed individueel worden gebruikt.

Ook de projectleiders van Geloof in het gezin hebben een bijdrage geleverd aan dit boek.

Download hieronder hoofdstuk 6 uit dit boek!