Frustraties (ver)dragen

12 december
Generatio
Frustratie kent vele oorzaken. Hoe we omgaan met frustratie doet een beroep op onze emotionele intelligentie en emotionele vaardigheden. Emotioneel intelligente mensen hebben geleerd hun eigen emoties te (h)erkennen en daar op een gepaste manier mee om te gaan. Tevens herkennen ze de emoties van anderen en weten daar op een geslaagde manier mee om te gaan. Het komt erop aan om onze kinderen van kleins af aan de vaardigheden leren om te gaan met frustratie.

Doel van opvoeden
Kinderen zijn leuk, maar het opvoeden is niet eenvoudig. Je wilt zoveel en je moet nog meer. Dan denk je niet altijd na over wat je met de opvoeding van je kinderen wilt bereiken. Het draait vaak om het hier en nu en daar ben je al druk genoeg mee. Maar opvoeden reikt verder dan het heden. Je bereidt je kind(eren) voor op de toekomst. Je wilt hen opvoeden tot stabiele volwassenen. Gewoonten die kinderen vroeg in hun leven ontwikkelen zullen ze misschien wel hun leven lang blijven herhalen, goed of slecht. Kinderen ontwikkelen emotioneel van volledige afhankelijkheid naar steeds toenemende zelfcontrole en emotionele stabiliteit. Opvoeden is kinderen begeleiden in dit proces. Een doel van de opvoeding is kinderen te leren zichzelf te beheersen en zich niet langer over te geven aan hun impulsen. En dat gaat meestal niet vanzelf. God betrekken in de opvoeding is daarom niet voor niets een opdracht die duidelijk verwoord wordt in de Bijbel (Deut. 6:4-9).

Ontwikkeling van zelfbeheersing
Wanneer kinderen op de wereld komen draait letterlijk alles om hen. Baby’s worden geliefkoosd en verzorgd. Als baby is hij in zekere zin almachtig want als er gehuild wordt staan de mensen in de omgeving klaar om te troosten of te doen wat nodig is. Na de eerste verjaardag wordt dat anders. Zijn ouders gaan steeds meer eisen aan hem stellen: met een lepel eten, op het potje zitten, zelf lopen terwijl hij graag gedragen wil worden. Ook niet alles wat hij wil, lukt hem. Dat maakt hem boos en leidt niet zelden tot driftbuien. Peuters en kleuters denken dat ze het middelpunt zijn van de wereld. Ze hebben nog niet het vermogen om zich te verplaatsen in de ander. Ze kennen slechts één gezichtspunt en dat is hun eigen perspectief! Als het goed is ontdekken kinderen gaandeweg dat niet alles om hen draait, maar dat er meerdere belangen in het spel zijn waar rekening mee gehouden dient te worden. Er vindt dus een ontwikkeling plaats van: “alles draait om mij”, naar: “ik moet rekening houden met een ander”. Het hoort bij deze fase in de ontwikkeling dat gevoelens van frustratie ontstaan. Kinderen moeten de kans krijgen deze gevoelens reeds in hun kinderjaren te ervaren. Deze ontwikkeling is noodzakelijk om met anderen te leren omgaan! Er zijn vele liefhebbende ouders die hun kroost deze frustraties liever willen besparen, maar dat is zelfs schadelijk voor zijn verdere groei! Als hij er als kind niet mee leert omgaan … wat dan als volwassene? Kinderen zijn kleine mensen die zichzelf niet goed kunnen beheersen en die proberen hun eigen behoeften te bevredigen ook al gaat dat ten koste van een ander. Dat maakt ouderschap zwaar. Kinderen worden niet met zelfdiscipline geboren, maar moeten dat in eerste instantie van een ander leren. Ze maken zich grenzen eigen (internaliseren) doordat die eerst van buitenaf aan hen opgelegd worden. Kleuters spreken zichzelf dikwijls toe met mama’s woorden: “Kim-ie niet aan kachel komen anders au”. Er vindt een geleidelijke overdracht plaats van buiten naar binnen. Wanneer dit goed gaat leert een kind uiteindelijk zijn impulsen zelf beheersen, omdat hij zich de opgelegde grenzen eigen heeft gemaakt.

Enkele sleutels tot het leren van zelfbeheersing
Als opvoeders hen niet helpen zichzelf te beheersen worden kinderen heethoofden. De Bijbel zegt: wie spoedig toornig is, begaat dwaasheid (Spr.14:17). Zonder volledig te zijn geven we hier enkele handvatten voor het leren van zelfbeheersing:

  • Frustratietolerantie opbouwen
    Baby’s hebben hun ouders nodig en wel het liefst meteen! Maar als ze ouder worden, ontwikkelen ze genoeg basisvertrouwen in anderen en genoeg vertrouwen in hun eigen vaardigheden om hun problemen op te kunnen lossen. Wanneer Bas wanhopig probeert zijn blokkentoren te bouwen maar de toren het helaas begeeft, dan leert hij opnieuw te beginnen zonder dat papa het van Bas overneemt. Bas kan op dit niveau al leren frustratie te verdragen. Jonge kinderen moeten leren geduld te hebben wanneer er eten opgeschept wordt. Eerst oma en opa, dan pas het kind. Stap voor stap leren kinderen meer frustratie voor steeds langere periode te verdragen. Tevens leren ze omgaan met frustraties voorafgaand aan een keuze. Als ik ga korfballen, dan kan ik niet op dwarsfluit. Als ik op dwarsfluit ga, dan kan ik niet op korfbal. Gezelschapspelen of competitiesporten zijn middelen bij uitstek om de frustratietolerantie te oefenen. Nu zijn het nog spelen. Maar al gauw worden jonge mensen geconfronteerd met de harde realiteit van zowel onrecht als persoonlijke mislukkingen. De mate van opgebouwde frustratietolerantie zal invloed hebben op hun eigen leven.
  • Constructief reageren
    Het gevoel van frustratie, teleurstelling of boosheid bij kinderen moeten we als volwassenen niet ontkennen of negeren. Integendeel, het is belangrijk het gevoel te benoemen. Zo leert het kind zijn eigen gevoelens te herkennen en kan hij ze leren gebruiken als signalen. Kinderen moeten vervolgens leren dat ze met hun boos protest slechts het probleem geduid hebben maar nog niet opgelost. Een driftbui lost niets op. Het (h)erkennen van deze gevoelens is echter wel nodig, want dit motiveert om iets aan het probleem te gaan doen. Ze moeten gaan nadenken over de verschillende mogelijkheden en daar dan de beste uit kiezen.
  • Voorbeeldfunctie
    Hoe gaan we zelf om met onze frustraties? Zijn we binnenvetters en barst op een onverwacht moment de bom? Of zit je zelf voortdurend op de kast? Plaatsen we de oorzaken steeds buiten onszelf? Of reageren we met agressief taalgebruik? … Hoe is het gesteld met onze emotionele vaardigheden? Kunnen we van onze kinderen gedrag verwachten dat bij onszelf niet aanwezig is? Een relativerende blik op jezelf, een reële kijk op je mogelijkheden, en een liefdevolle, vergevingsgezinde houding naar anderen toe, besparen jezelf een hele hoop frustraties!
  • De vruchten van liefhebbende discipline
    Als je mooie stenen wrijft worden ze zacht en glimmend. In de hitte wordt goud gelouterd. Door te trainen wordt een atleet sterk. Op dezelfde manier louteren worstelingen het karakter van een kind. Door beproevingen heen leren we lessen die ons karakter zo vormen dat we het leven aan kunnen. Dit leren kinderen niet vanzelf. Opvoeders spelen een wezenlijke rol in dit vormingsproces. Hou vol en uw liefhebbende discipline zal een oogst voortbrengen van gerechtigheid en vrede voor degene die erin getraind is (Hebr.12:11). Je kinderen zullen leren leven volgens de gouden regel: anderen behandelen op de manier zoals je zelf behandeld zou willen worden.

Opvoeding
Dit artikel gaat over een klein deel van de opvoeding. Opvoeding is breder dan kinderen leren omgaan met frustraties. Feitelijk zijn we met opvoeding bezig op drie gebieden, sociaal, emotioneel en geestelijk. Het is belangrijk daar bewust mee bezig te zijn en daar, als ouders en/of opvoeders over na te denken. Zeker als we ons er van bewust zijn dat God ons daar een opdracht en richtlijnen in gegeven heeft. Leest u Deuteronomium 6:4-9 eens. Denkt u eens na over hoe u deze opdracht vorm geeft in uw gezin. Family Builders geeft handen en voeten aan deze belangrijke opdracht. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Stichting Generatio.

Generatio

Stichting Generatio wil Gods principes doorgeven aan de volgende generatie. Generatio wil de verschillende generaties met elkaar verbinden en laat zich hierbij leiden door de woorden van Psalm 78:1-4 en Maleachi 4:6.

Tags
Peuter
Boos
Dagelijks leven
0-3 jaar
4-7 jaar
Literatuurtip
Geloven in opvoeden

Het boek geeft ouders adviezen en vaardigheden mee die hen helpen weer in hun opvoeding te gaan geloven. En ouders worden toegerust om gestalte te geven aan de geloofsopvoeding in het gezin.

In het werkboek dat erbij aangeschaft kan worden, staan vragen en werkvormen om mee aan de slag te gaan.

Je baby verzorgen is ook opvoeden

Allerlei aspecten van het opvoeden van een baby komen in dit boek aan de orde. Makkelijk leesbaar en veel aandacht voor de praktijk van alledag. Goed te gebruiken voor een opvoedkring door de suggesties voor Bijbelstudies, gespreksvragen en werkvormen achter in het boek. Geschreven door drs. Aline Hoogenboom en dr. Joop Stolk. Dit is het eerste deel in de serie Handboek christelijke opvoeding.

Hoofdstuk 1 van Je baby verzorgen is ook opvoeden

Tjonge jongens

Jongens zijn leuk. Maar soms een tikje anders leuk dan je misschien denkt. In dit boek zoekt Mariska Dijkstra-Wolters antwoorden op vragen van moeders met zonen. Ze ondervroeg daarvoor meer dan honderd jongensmoeders. Zo’n twintig deskundigen geven tips. Is stoeien normaal? En wanneer grijp je in? Geloven jongens anders dan meisjes? Hoe vind je rust in een druk gezin? Wanneer praten jongens wél? Moet je jongens helpen met huiswerk?

Hoofdstuk 1 van Tjonge jongens

Tips voor een kringavond over het opvoeden van jongens