Wat je ziet ben je zelf

20 september
Els van Dijk
Over jongeren valt veel te zeggen. Nogal wat mensen kunnen vooral de wat negatieve dingen benoemen. Laat ik maar wat voorbeelden geven. Een jongere hoort wel drie straten verderop het favoriete nummer van een bekend artiest, maar niet zijn moeder als ze naar boven roept. Jongeren zijn whizzkids die met de nieuwste computers overweg kunnen, maar niet hun eigen bed kunnen opmaken. Ze hebben altijd voldoende energie om met hun vrienden op stap te gaan, maar zijn meestal te moe om af te drogen. En in schoolverband zijn ze heel goed op de hoogte van alles wat ze niet behoeven te leren.

Als deze opmerkingen al juist zijn, moeten we ons natuurlijk afvragen wat de oorzaken hiervan zijn. De jongerengeneratie van nu, zegt namelijk heel veel over de generatie erboven. Ik kan de zaken dan ook omdraaien: hoe kijken jongeren van nu tegen de oudere generatie aan? Ik zou dan dingen kunnen schrijven als: Wij vertrouwden erop dat jullie ons liefde zouden geven; jullie lieten ons in de steek. We vertrouwden erop dat jullie een voorbeeld zouden zijn; jullie lieten het vreselijk afweten. We vertrouwden erop dat jullie ons jonge hart zouden beschermen; jullie moedigden ons aan om te vroeg volwassen te worden. We vertrouwden erop dat jullie ons de waarheid zouden tonen. Jullie gaven ons een virtuele wereld.

Ik denk dat we anders moeten kijken. We mogen jongeren bezien als mensen die ernaar verlangen om thuis te komen. Thuis te komen waar ze thuis horen. De plaats waar de stem van de eerste liefde te horen valt. God heeft ons eerst liefgehad, daarom mogen ook wij liefhebben. De plaats waar we aanvaard worden om wie we zijn vanwege Christus.

Zo is de kerk bedoeld – een gemeenschap die hen aanvaardt en verwelkomt, die al door God aanvaard en verwelkomd zijn. De Vader staat immers altijd op de uitkijk! Zo wil de Evangelische Hogeschool zijn, waar ik werk: een gemeenschap die jongeren welkom heet die allang bemind en geliefd zijn voordat zij dat zelf beseffen. Zo moeten we als volwassenen zijn en zeker als ouders.

Wat hebben we een geweldige verantwoordelijkheid tegenover alle jongeren die aan ons toevertrouwd worden. Daar moeten we ons elke dag van bewust zijn en soms moeten we zelfs wat specifieker worden over hoe we onze rol als gids en als leesbare brief van Christus serieus moeten nemen.

Els van Dijk

Els van Dijk is directeur van de Evangelische Hogeschool en auteur van het boek 'De hunkerende generatie'. Ze heeft een passie voor jongvolwassenen schrijft in diverse media over haar ervaringen met jongeren.

Tags
Voorleven
Dagelijks leven
13-16 jaar
Literatuurtip
Geloven in opvoeden

Het boek geeft ouders adviezen en vaardigheden mee die hen helpen weer in hun opvoeding te gaan geloven. En ouders worden toegerust om gestalte te geven aan de geloofsopvoeding in het gezin.

In het werkboek dat erbij aangeschaft kan worden, staan vragen en werkvormen om mee aan de slag te gaan.

JONGleren

Ouderschap is soms net jongleren: je houdt een heleboel ballen tegelijk in de lucht. Daarom dit praktische boek over opvoeding vanuit christelijk perspectief. JONGleren gaat in op thema’s als ‘grenzen stellen’, ‘sociale vaardigheden aanleren’, ‘waarden en overtuigingen doorgeven’ en vormt het handboek bij de Parenting Courses van Alpha Nederland. Je wordt in het lezen van dit boek aan het denken gezet over jouw rol als opvoeder en de functie van het gezin. Een aanrader voor iedereen die vanuit christelijk perspectief op praktische wijze aan de slag wil met opvoeding! Ook geschikt voor kringen.

Je peuter begrijpen

Peuters kunnen heel lief zijn en tegelijk heel vermoeiend. Soms zijn ze zo dwars dat je er geen raad mee weet, maar even later kruipen ze bij je op schoot om weer eens lekker met je te kroelen. Voor veel ouders zal dit een herkenbaar beeld van hun peuter zijn. Een beeld dat tegelijkertijd veel vragen oproept. Hoe reageer ik op een peuter die niets wil en op alles ‘nee’ zegt? Wat moet ik doen als hij alles zelf wil doen op een moment dat het mij helemaal niet uitkomt? Hoe kan ik hem geruststellen als hij ’s nachts angstig wakker wordt, of hem zover krijgen dat hij zijn speelgoed deelt met een ander kind? In dit deel van de serie Christelijke opvoeding zoeken de auteurs op deze en vele andere vragen een praktisch antwoord, waar ouders houvast aan hebben in het dagelijkse gezinsleven. Daarbij proberen ze allereerst peuters te begrijpen in wat ze doen en laten en bij wat er in hun ‘koppie’ omgaat. Dat is de beste manier om te weten te komen wat een peuter nodig heeft en wat een goede aanpak is.