Uitgedaagd door pubers

22 oktober
Terdege
Pubers. Voor veel ouders een bron van veel zorgen en veel vragen. „Een heleboel problemen in het omgaan met hen opnoemen, kost geen enkele moeite. De ontwikkeling van jongeren gaat zo snel, die is voor ouders nauwelijks bij te benen, maar laten we positief insteken: Met pubers valt goed te praten, tenminste, als je hen met respect benadert. Als moeder van vijf kinderen en met haar ervaring als leider van de cursus Opvoeden met hart en hoofd en als gezinsvoogdij/voogdijwerker weet mevrouw A. Preesman-Vlaardingerbroek veel valkuilen te benoemen. Ze doet dit echter niet, want ze richt zich liever op de uitdagingen waarvoor ouders staan.

1. Maak onderscheid tussen belangrijke en onbelangrijke dingen
Je maakt het jezelf gemakkelijk als je op een rijtje zet wat voor jou wezenlijke dingen zijn en wat zaken zijn die er minder toe doen. Als je overal een punt van maakt, is er op den duur geen gezelligheid meer aan. De kunst is natuurlijk om het wel gezellig te houden. Dat kan door zwaarder in te zetten op de wezenlijke dingen, die vaak te maken hebben met het geloof en de kerk, en minder zwaar te tillen aan dingen als een opgeruimde kamer en op tijd thuis zijn. Je kind moet weten welke zaken je belangrijk vindt. En over welke zaken er te praten valt. Laat die onopgeruimde kamer dan maar voor wat het is.

2. Vang je kind op en maak hem geen verwijten
Je kind leert veel van het maken van fouten. Geef hem die gelegenheid dan ook. Als je bij een bepaalde vriend je vragen hebt, laat het kind dan zelf ervaren of het blijft klikken. Je kunt hem wel ergens op wijzen, maar als het fout gaat met die vriendschap, zeg dan niet: „Dat had ik je toch al gezegd. Op zon moment moet je er - zonder verwijten - zijn voor je kind. Met huiswerk zie je ook vaak zulke situaties ontstaan. Je zegt regelmatig: „Doe nu meer aan je huiswerk, anders blijf je zitten. Het is ontzettend menselijk om flink boos te worden als hij vervolgens met een slecht rapport thuiskomt. Maar zeg dan niet: „Ik had je toch gezegd dat je je best moest doen. Vraag wel: „Hoe gaan we dit probleem aanpakken?” Als je de verwijten achterwege laat, zal je kind eerder hulp vragen als hij ergens mee vastloopt.

3. Stel grenzen en geef ruimte
Je puber vraagt om zowel grenzen als ruimte. Voor kinderen tot twaalf jaar bepaal je voornamelijk zelf wat er gebeurt. Dan komt de omslag en ga je het proces in van afwegen en in gesprek gaan. Als het om niet heel wezenlijke zaken gaat, zal het vaak op een compromis uitkomen. Je wordt als ouder aan het denken gezet. Als het verantwoord is, geef je kind dan ruimte. Ouders met een zoon van zestien die een week met vrienden wil kamperen, kunnen, als ze alleen naar zichzelf kijken, zeggen: „Joh, doe dat niet.” Voor henzelf is dat het rustigst. Maar deze ouders geven hun zoon vertrouwen, als ze hem laten gaan. Achteraf kan blijken dat er dingen niet goed zijn gegaan. Dan is het vertrouwen beschaamd en moet je daarover in gesprek. Vergeet niet dat je, als je een kind vertrouwen geeft, ook vertrouwen terugkrijgt. Als je zelf onzeker bent, houd je je kind graag bij je. Je loopt het risico dat je kind dingen stiekem gaat doen en het uiteindelijk echt tot een breuk komt. Het is zaak je steeds af te vragen: Wat kan ik al loslaten en wat nog niet?

4. Toon interesse
Laat merken dat je graag wilt weten waar je kind mee bezig is. Je kind voelt haarscherp aan of het bij jou echte interesse is of controle. Als een puber laat merken: Nu even niet, accepteer dat dan. Dit vraagt heel wat incasseringsvermogen van je als ouder. Blijf investeren en benut de goede momenten: Als ouder blijf je verantwoordelijk voor de relatie.

5. Toon je eigen gevoelens
Laat je kind zien wat zijn gedrag bij je oproept: boosheid, angst, verdriet, blijdschap of verbazing. Benoem het concrete gedrag dat dit veroorzaakt met jouw gevoelens en vertel beargumenteerd hoe je het zou willen hebben. Vooral het benoemen van je persoonlijke gevoel is vaak lastig. Op deze manier maak je je kind echter wel bewust van jouw gevoel. Door dit te benoemen, stel je je open en kwetsbaar op naar je kind en zal het eerder zijn geneigd zijn gedrag te veranderen.

6. Geef het goede voorbeeld
Hoe spreek je tegen je man of vrouw? Hoe spreek je over anderen? Wees je bewust van het voorbeeld dat je geeft. Dit heeft erg veel invloed op je kind. Je puber kijkt kritisch naar je handelen en neemt meer over dan je zou verwachten. Is je gedrag in overeenstemming met je woorden?

7. Wees open over het geloof
Je kind vraagt zich af wat er in je hart leeft. Stel je daarom open op, al is het voor sommigen nog zo moeilijk om over deze tere zaken te spreken. Een puber kan veel vragen hebben over of kritisch zijn richting de kerk en juist daarom is het van belang met hem in gesprek te gaan over de meest wezenlijke zaken van dit leven, zonder daarbij in eindeloze discussies over bijzaken te vervallen.

De uitdaging van Conny (pubers van 13, 15 en 18):
„Toen ik het met de oudste van 18 over de vraag had, wat voor mij de uitdaging was, zei hij direct: Nou moet je niet iets over het geloof zeggen hoor, want dat vind je natuurlijk het belangrijkst. Daar was ik wel blij mee, want dat vind ik inderdaad ook. In andere zaken moet je soms flink doorpakken, maar hierin mag je laten zien dat je een heel klein mensje bent.
Als uitdaging zie ik verder: de spiegel voorhouden. Pubers zien zo vreselijk zwart-wit. Hun waarheid is de waarheid. Het is best heftig als ze alle drie de hakken in het zand zetten. Op een rustig moment, als je een puber apart hebt, kun je de nuance aanbrengen en ze laten kijken naar de wereld om hen heen. Een voorbeeld daarbij is de baarmoederhalskankerprik. Ze hebben allemaal een mening. Je moet het doen, want je kunt die ziekte altijd krijgen, zegt de een. Een ander maakt de vergelijking met polio. We hebben daarover gesproken met de twee meisjes en ook onze mening gegeven. Daarna hebben we ze een week de tijd gegeven om tot een onderbouwd besluit te komen, met de handreiking van een aantal artikelen en het advies ermee tot God te gaan en de verzekering dat het hun keus mocht zijn. Ze kwamen allebei aan met niet doen, maar wel met verschillende argumenten.

De uitdaging van Anja (pubers van 13 en 14):
„Het evenwicht vinden tussen wat ze zelfstandig kunnen en wat nog niet. Onze dochter is een erg zelfstandige puber. Vorig jaar wilde ze met vriendinnen in een blokhut naast de stacaravan van mijn schoonouders. We hebben haar dat zelf laten regelen en dat ging goed. Achteraf denk ik: Bij het kiezen van vriendinnen had ik misschien meer moeten helpen. Ze pasten niet goed bij elkaar. Met deze puber moet je ontzettend veel praten. Domweg iets verbieden, daar wordt ze stampend boos om. De andere puber wil juist helemaal niet praten. Dat is soms heel lastig. Hoe geef je dan seksuele voorlichting? Wij hebben gezorgd dat hij via een ander kanaal – een boekje – aan zijn informatie komt.

De uitdaging van Margriet (pubers van 14 en 17):
„Je niet laten opjutten door wat andere leerlingen volgens je kind allemaal hebben: mobieltjes, speelfilms. Je kunt niet om open gesprekken heen, waarin je elkaars argumenten eerlijk weegt en uiteindelijk - indien nodig - aangeeft dat je wilt dat hij jouw regels respecteert. Hij is benieuwd naar het waarom van onze mening en zet zijn argumenten er fors tegenaan. Het voelt als een kwaliteitstest van onze principes. Verder probeer ik alles van de vrolijke kant te bekijken. Een vrolijke uitstraling of een humoristische opmerking werkt goed. Pubers zijn zelf soms erg labiel. Dat accepteren we tot op zekere hoogte, want jongere broertjes of zusjes hoeven niet het slachtoffer van hun bui te worden. Een van onze pubers stelde vroeger open vragen over God en het geloof. Nu is hij „wegens verbouwing gesloten”. Alleen daarom al zijn het hardop bidden aan tafel en het dagelijkse persoonlijke gebed van ons als ouders voor hen onmisbaar.

Terdege

Terdege is een reformatorisch familieblad waarin ook over opvoeding wordt geschreven.

Tags
Grenzen
Problemen
Pubers
Zelfstandig
Openheid
Uitdaging
Dagelijks leven
In gesprek
13-16 jaar
Literatuurtip
Gezinsmomenten rond verhuizing

Een verhuizing is een grote overgang voor je kind. Daarom is het goed om je kind erop voor te bereiden. Deze handreikingen voor gezinsmomenten helpen je daarbij. Er zijn Bijbelgedeelten en vragen om te praten over Bijbelse personen die gingen verhuizen. Samen met je kind ontdek je hoe het voor hen was en wat God voor hen betekende in die tijd.

Magazine Geloof in het gezin

Bij de lancering van de website hebben wij een eenmalig magazine uitgegeven met interessante artikelen, handige tips, overzichten, ervaringsverhalen, links en nog veel meer. Inspirerend om zelf te lezen, maar ook opbouwend om samen met een vriendin te bespreken of op een opvoedkring te behandelen!

Bekijk het magazine hieronder online.

De allerbeste wensen. Aan de slag met opvoedingsidealen

Een boek over opvoedingsidealen dat richting geeft aan ouders om dagelijkse keuzes te maken. Het boek is ook geschikt om met uw partner of met een kring te bespreken door de gespreksvragen die erin staan.

Dit boek gaat over jouw handelen als opvoeder en je opvoedingsidealen die hieronder liggen. Het nadenken over die idealen en de praktische invulling ervan blijkt voor veel ouders motiverend en helpend. Vanuit de Bijbel doen de auteurs je handreikingen om na te denken over je eigen opvoedingsidealen en over hoe je die in praktijk kunt brengen.

Ieder hoofdstuk stelt een door ouders veel genoemd opvoedingsideaal aan de orde: een gelovig kind, een gelukkig kind, een sociaal kind, een zelfstandig kind, een succesvol kind en een verantwoordelijk kind. Naast informatie over het ideaal bevat elk hoofdstuk voorbeelden, verwerkingsopdrachten, verdiepingskaders en een Bijbelstudie. Het boek is uitstekend geschikt voor een kring of cursus over opvoeden en kan ook goed individueel worden gebruikt.

Ook de projectleiders van Geloof in het gezin hebben een bijdrage geleverd aan dit boek.

Download hieronder hoofdstuk 6 uit dit boek!