Liefde verbreekt meer dan de boze knoet

20 september
Terdege
„Nee, ik ga niet tegen ze preken, maar ik probeer wel altijd iets te laten zien van wat het is om de Heere te dienen als m’n kinderen, kleinkinderen of achterkleinkinderen er zijn.” Het zijn woorden uit een interview met ds. P. van Zonneveld. Deze emeritus predikant van de Christelijke Gereformeerde Kerken is in 2017 overleden. Het interview werd gehouden naar aanleiding van de verschijning van zijn boek “Brieven voor ouders”. Zijn woorden hebben ons ook nu nog wat te zeggen.

Waarom schreef u ‘Brieven aan ouders’?

„Vanuit bewogenheid met de kinderen. Als ik op doopbezoek kwam bij ouders, vroeg ik vaak: Waarom wilt u dat uw kind gedoopt wordt? Dan bleef het vaak angstwekkend stil. Vanuit het formulier vroeg ik verder: Gelooft u dat dit kind in Christus geheiligd is en daarom behoort gedoopt te wezen? “In Christus geheiligd” betekent dat uw kind apart staat. Het is daarmee niet bijzonderder dan andere kinderen. Het is vastgeketend aan Adam, maar door Gods genade gezet op Christus’ bloed. Wat is dat rijk. De doop is geen rustgrond, in de trant van: iemand die gedoopt is, beschouwen we ook als wedergeboren. Nee, de belofte van het Evangelie wordt betekend en verzegeld. De doop is ook beslist geen zandgrond, maar een pleitgrond. De onkunde die er op dit gebied leeft, grijpt me aan. Er zijn twee gevaarlijke kanten. De ene zegt dat de doop zaligmakend is, de andere gaat totaal aan de doop voorbij. Al die kinderen hebben wel een ziel voor de eeuwigheid. Vanuit die bewogenheid heb ik in ‘Bewaar het Pand’, het blad van het behoudende deel van onze kerken, deze brieven geschreven.”

Welke brief is u het meest bijgebleven?

„Die over Adam en Eva en die over Timotheüs. Om met de eerste te beginnen: Het is wat geweest dat die twee zonen op een dag niet thuiskwamen. Adam en Eva zijn beiden in het paradijs geweest. Hier klinkt de waarschuwing: „Pas toch op, ouders. Wie God verlaat, heeft smart op smart te vrezen.” Daar hoeft het niet te stoppen. Denk maar aan de psalm die veel kinderen al jong leren: „Opent uwe mond, eist van Mij vrijmoedig. Al wat u ontbreekt, schenk Ik zo gij ’t smeekt, mild en overvloedig.”
Als ik aan Timotheüs denk, zie ik het als het ware voor me. Die oma trok Timotheüs op schoot en zei: „De Heere Jezus heeft gezegd: Laat de kinderen tot Mij komen. Je ouders hebben je bij het doopvont gebracht. Wat zou het mooi zijn als jij nu tot die Zaligmaker wordt gebracht!” Wat heerlijk als een moeder en een oma een kind van jongs af willen onderwijzen in de vreze des Heeren.”

Wat zijn de eerste herinneringen aan uw eigen (groot)ouders?

„Bij m’n grootouders met z’n allen zingen rond het orgel. De psalmen zongen we ritmisch. Dat klinkt misschien vreemd, maar dat was toentertijd geen breekpunt. Zingen hoorde er bij m’n ouders ook bij. ’s Zomers met de ramen wijd open. M’n broer speelde orgel en dan zongen we niet alleen psalmen, maar ook Johan de Heer. Er zijn zoveel prachtige, inhoudsvolle liederen. Als ik nu het lied “’t Is middernacht” hoor, dan ontroert me dat in het hart. Ik heb Hem gezien in de hof van Gethsémané, bedroefd tot de dood toe.
Als ik als jongen vroeg: ‘Papa, mag ik naar dat schoolfeest?’, dan zei hij niet ja of nee. ‘Als je het eerst aan de Heere vraagt, dan mag jij daarnaartoe.’ Het was niet verbod op verbod. De liefde voerde de boventoon.
Ik zal ook nooit vergeten dat ik één keer in m’n leven een kerkdienst heb overgeslagen. De satan brengt me dat vaak in de gedachten. Daarom zing ik ook graag dat vers ‘Gedenk niet aan de zonde van mijn jonkheid’. In mijn jonge jaren ging ik op een zondagmiddag met een meisje de hei op. Toen durfde ik niet tegen haar te zeggen dat ik om vijf uur in de kerk moest zijn. Ik vroeg me af wat me thuis te wachten zou staan. Mijn moeder zei alleen: ‘Wat jammer dat je er niet was. De Heere zelf was in ons midden’.
Ik ben ervan overtuigd dat liefde meer verbreekt dan de boze knoet. De knoet kweekt verzet, want de gevallen mens duldt geen heerschappij.”

In de brief over Hanna vraagt u de ouders of zij begeren hun kind aan de Heere terug te geven. Wat houdt dat in?

„Hanna wilde haar zoon aan de dienst van de Heere wijden. Dat wil niet zeggen dat alle jongens dominee moeten worden. Bid: ‘Heere, u hebt hem geschapen. Herschep hem, opdat hij gewillig mag zijn om u te dienen.’ Het is bekend van een moeder dat ze al in het kraambed wist dat haar zoon dienaar van het Woord zou worden, maar dat is niet gewoon. De Heere dienen kan op velerlei wijze in heel het leven.”

Waarom staan er zoveel voorbeelden in de Bijbel die niet navolgenswaardig zijn, zoals Achan, Eli en Elimelech?

„Dat is heel eenvoudig: ter waarschuwing. Goed voorbeeld doet gewoonlijk goed volgen. Slecht voorbeeld doet gewoonlijk slecht volgen. De verdorvenheid wordt overgeërfd. Pas heb ik het nog in een preek gezegd: ‘Ik herken mezelf in Gaddafi. Zelf op de troon willen blijven, zelfs al gaat dat ten koste van anderen.’ Bij kleine kinderen zie je het ook al: Ik wil dit en ik moet dat! Des te meer moeten we de knieën buigen. Ik moet van de troon af en de Koning erop.”

Welke list gebruikt satan nu om ouders in de opvoeding on-Bijbels te werk te laten gaan?

„Het najagen van de dingen van beneden. Het opvoeden voor hun maatschappelijke taak staat vaak voorop, niet de dienst van de Heere. Of we werken alleen voor de beste resultaten op school en vergeten ondertussen het belangrijkste. Met veel regeltjes red je het niet, met dominees achternalopen evenmin. En wat kun je van de kinderen verwachten als ouders niet positief spreken over de kerk, de ambtsdragers en de hele dienst van de Heere? Satan heeft al 6000 jaren tactiek opgebouwd om te verderven en hij weet dat zijn tijd kort is. Het is hem om het even of je links of rechts voorbij het kruis gaat. Laat er het gebed zijn: Heere, mag ik een middel zijn voor mijn kind om tot U te komen.”

Van welke ouders uit de Bijbel heeft u het meest geleerd voor de opvoeding van uw kinderen?

Zonder na te hoeven denken: „Amram en Jochebed. God stond bij hen bovenaan. Ze zouden zelf gestraft kunnen worden, omdat ze niet naar de overheid hadden geluisterd. Ze wisten niet hoe het met hun zoon zou gaan, in zijn biezen mandje. Ze moesten hem vervolgens al jong loslaten, maar het gebed blijft dan over.
Dat is nu ook nog zo. Als je ziet dat je kind gevaar loopt of op een verkeerde weg gaat, vlucht dan voor hem tot de troon der genade en bid: ‘Gena, o God, gena, hoor mijn gebed.’
Dat kinderen van een verkeerde weg terugkeren, kan een vrucht zijn van het gebed van de ouders. Mijn opvoeding schiet tekort, maar Hij is een hoorder van het gebed. Dat heb ik ook al vaak gezegd tegen ouders van wie een kind niets meer met de kerk te maken wil hebben. Denk ook eens aan de worsteling en het gebed van moeder Monica om haar zoon Augustinus: Een kind van zoveel tranen kan niet verloren gaan.”

Welke taak heeft u nu nog voor uw nageslacht?

„Opvoeding houdt nooit op, het vijfde gebod evenmin. Elke dag is er de voorbede voor elk van mijn kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen. ‘Nou, dan bent u wel een tijd bezig’, zei laatst een kleinkind tegen me. Ik bedoel dus: ze zijn allemaal in mijn gedachten.
Ik heb er niet één voor de satan over. Zijn dienst is een harde dienst. Die zweept je voort naar de hel. De dienst van de Heere is een liefdedienst en die heeft nog nooit iemand verdroten. Daarom roep ik het iedereen ook toe: Bekeert u, bekeert u, want waarom zoudt gij sterven?”

Terdege

Terdege is een reformatorisch familieblad waarin ook over opvoeding wordt geschreven.

Tags
Brieven
Geloofsopvoeding
Brieven voor ouders
Ouderschap
Dagelijks leven
0-3 jaar
4-7 jaar
8-12 jaar
13-16 jaar
Literatuurtip
Doopbox voor ouders

Met de doopbox biedt u als kerkenraad ouders en verzorgers een inhoudsvol cadeau. Het is een manier om ouders bewust te maken van hun prachtige taak in de christelijke opvoeding. De doopbox is zo ontworpen dat u de mogelijkheid heeft zelf nog aanvullend iets toe te voegen. Lees voor meer informatie de blog over dit materiaal.

Geloven in opvoeden

Het boek geeft ouders adviezen en vaardigheden mee die hen helpen weer in hun opvoeding te gaan geloven. En ouders worden toegerust om gestalte te geven aan de geloofsopvoeding in het gezin.

In het werkboek dat erbij aangeschaft kan worden, staan vragen en werkvormen om mee aan de slag te gaan.

JONGleren

Ouderschap is soms net jongleren: je houdt een heleboel ballen tegelijk in de lucht. Daarom dit praktische boek over opvoeding vanuit christelijk perspectief. JONGleren gaat in op thema’s als ‘grenzen stellen’, ‘sociale vaardigheden aanleren’, ‘waarden en overtuigingen doorgeven’ en vormt het handboek bij de Parenting Courses van Alpha Nederland. Je wordt in het lezen van dit boek aan het denken gezet over jouw rol als opvoeder en de functie van het gezin. Een aanrader voor iedereen die vanuit christelijk perspectief op praktische wijze aan de slag wil met opvoeding! Ook geschikt voor kringen.