Kinderen willen niet altijd met hun ouders praten

15 september
Nico van der Voet
De meeste ouders zeggen dat hun kinderen altijd met hun problemen bij hen terecht kunnen. In de praktijk is dat voor een deel van de ouders een belijdenis met de mond. Vraag het maar aan de kinderen. Die constateren in nogal wat gezinnen dat hun ouders weinig tijd en aandacht voor hen hebben, ook al krijgen ze verder alles wat hun hartje begeert. Ouders zijn gewoon te druk of ze kleineren de problemen van de kinderen. Helaas kan een vader of moeder niet blijven volstaan met de kindertroost: 'Zóóó, niet huilen, kusje erop, óóóver!' Een klein deel van alle pubers heeft ernstige problemen, die niet zonder hulp overgaan. Een kwart van de jongelui heeft minder ernstige problemen, waarbij ze best hulp kunnen gebruiken al is dat niet altijd nodig.

Er zijn gelukkig veel ouders die wel met hun kinderen proberen te praten als ze vermoe­den dat die het moeilijk hebben. Goede momenten daarvoor zijn: onder de afwas (als die er nog is!), voor het slapen gaan, in de auto. Dan doet zich echter iets voor wat veel ouders merk­waardig vinden. Veel kinderen willen, als puntje bij paaltje komt, niet praten met ouders over hun moeilijkheden. Soms komen ouders via anderen erachter dat hun zoon of dochter jarenlang met een ernstig probleem heeft rondgelopen. Hun reactie is dan automatisch: 'Kind, waarom heb je dit niet eerder verteld, dan hadden wij jou al vijf jaar geleden kunnen helpen.' Soms worden ouders boos dat hun kind zwijgt of gezwegen heeft. Ze voelen zich door hun kind afgewezen in hun ouderschap. Die boosheid duurt meestal kort, om plaats te maken voor verdriet. Hoe is het toch mogelijk dat je je eigen kind niet kunt bereiken, laat staan helpen!

Toch is het niet zo vreemd als het lijkt, wanneer kinderen niet met hun eigen ouders praten over hun problemen. Waarom weigert een deel van de kinderen te praten met ouders? Ik noem een paar dingen.

  • In alle mensen zit het idee dat je beter kunt praten met een vreemde dan met familie. Dat is terecht. Een vreemde heeft meer afstand tot jou en kan je problemen beter beoordelen en begeleiden. In een gesprek met 'eigen' komen er veel onnodige emoties los die de moeilijkheden soms alleen maar vererge­ren. Daarbij komt nog iets. Als je praat met een familielid, is de aanwezigheid van dat familielid een levenslange herinnering aan je problemen. Hij of zij weet immers wat jij beleefd of misdaan hebt. Een vreemde hulpverlener verdwijnt weer uit je leven als je problemen zijn opgelost of verwerkt. Je probleemgeschiedenis is daardoor emotioneel beter afgesloten. Onbewust voelen veel jongeren dit aan.
  • Een gevoelig kind heeft altijd een argument om tegenover zijn ouders te zwijgen. Als het goed gaat met de ouders, zegt het kind: 'Ik kan het mijn ouders niet aandoen om hun geluk te verstoren met mijn moeilijkheden.' Als de ouders al zorgen of verdriet hebben, zegt het kind: 'Ik kan het mijn ouders niet aandoen ze nog meer verdriet te bezorgen met mijn proble­men.' Een kind tilt zwaar aan deze argumenten.
  • Sommige kinderen durven hun ouders (of iemand anders) niet in te schakelen bij hun problemen uit angst dat ze daarna afgewezen worden. Meestal is deze angst niet terecht, maar veel kinderen hebben er toch last van. Je ouders kunnen verdrietig, boos of teleurgesteld reageren. Er kan straf volgen. Als je een geliefd kind bent, durf je je ouders niet snel te vertellen dat er bijvoorbeeld iets mis is met je seksuele ontwikkeling. Je positie in het gezin gaat dan aan diggelen.
  • Tenslotte maak ik melding van schaamte. Veel kinderen schamen zich voor hun moeilijkheden. Stoere jongens hebben dit het ergst. Ze durven er gewoon niet mee voor de dag te komen. Ze kruipen liever in hun schulp. Ze schamen zich voor iedereen, met name voor de familie. Meestal hebben ze het idee dat ze hun problemen wel kunnen overwinnen zonder hulp. Als ze ontdekken dat dat niet gaat, gaan ze nog liever ten onder dan dat ze open kaart spelen. Zo groot kan de schaamte zijn.

Als ouders vermoeden dat hun kind een probleem heeft en hun kind wil daarover niet met hen praten, moeten ze daarover niet moeilijk doen. Die opstelling van een kind is begrijpelijk. Het heeft niets te maken met slecht ouderschap of ondankbaarheid van het kind. Laten ze hun kind wel stimuleren er eens met een ander over te praten. Wie weet, heeft de vriend(in) van het kind een moeder met een luisterend oor. En voor een gesprek met een hulpverlener hoeft een puber ook niet bang te zijn, al doet hij het liever niet. Ook dat begrijpen we.

Nico van der Voet

Nico van der Voet is spreker, schrijver en docent aan de Christelijke Hogeschool Ede (afdeling HBO-theologie), zie ook www.nicovandervoet.nl.

Tags
Problemen
Probleemgedrag
In gesprek
Dagelijks leven
4-7 jaar
8-12 jaar
13-16 jaar
Literatuurtip
Gezinsmomenten rond verhuizing

Een verhuizing is een grote overgang voor je kind. Daarom is het goed om je kind erop voor te bereiden. Deze handreikingen voor gezinsmomenten helpen je daarbij. Er zijn Bijbelgedeelten en vragen om te praten over Bijbelse personen die gingen verhuizen. Samen met je kind ontdek je hoe het voor hen was en wat God voor hen betekende in die tijd.

De allerbeste wensen. Aan de slag met opvoedingsidealen

Een boek over opvoedingsidealen dat richting geeft aan ouders om dagelijkse keuzes te maken. Het boek is ook geschikt om met uw partner of met een kring te bespreken door de gespreksvragen die erin staan.

Dit boek gaat over jouw handelen als opvoeder en je opvoedingsidealen die hieronder liggen. Het nadenken over die idealen en de praktische invulling ervan blijkt voor veel ouders motiverend en helpend. Vanuit de Bijbel doen de auteurs je handreikingen om na te denken over je eigen opvoedingsidealen en over hoe je die in praktijk kunt brengen.

Ieder hoofdstuk stelt een door ouders veel genoemd opvoedingsideaal aan de orde: een gelovig kind, een gelukkig kind, een sociaal kind, een zelfstandig kind, een succesvol kind en een verantwoordelijk kind. Naast informatie over het ideaal bevat elk hoofdstuk voorbeelden, verwerkingsopdrachten, verdiepingskaders en een Bijbelstudie. Het boek is uitstekend geschikt voor een kring of cursus over opvoeden en kan ook goed individueel worden gebruikt.

Ook de projectleiders van Geloof in het gezin hebben een bijdrage geleverd aan dit boek.

Download hieronder hoofdstuk 6 uit dit boek!

Magazine Geloof in het gezin

Bij de lancering van de website hebben wij een eenmalig magazine uitgegeven met interessante artikelen, handige tips, overzichten, ervaringsverhalen, links en nog veel meer. Inspirerend om zelf te lezen, maar ook opbouwend om samen met een vriendin te bespreken of op een opvoedkring te behandelen!

Bekijk het magazine hieronder online.