In gesprek met tieners

17 augustus
Zorg voor Jongeren
Bij sommige ouders lijkt het in gesprek zijn met hun tieners iets dat vanzelf gaat. Voor anderen ligt dat wat anders. Ik denk dat als we heel eerlijk zijn, de meeste ouders zich herkennen in de laatste groep. Je kent het wel, jouw puber komt thuis uit school en je vraagt hoe zijn dag is geweest. Het antwoord is: ‘Saaaaaai.’ Je doet nog een poging om een gesprek aan te gaan en vraagt: ‘Wat was er zo saai dan?’ En het antwoord is: ‘Alles.’ Na nog een vraag begint het op een verhoor te lijken en jouw tiener verdwijnt naar boven.

Hoe kom je er nou achter hoe het echt met jouw zoon of dochter gaat? Daar zal hij of zij niet direct antwoord op geven. Oprechte interesse is één van de antwoorden op dit vraagstuk. Ben je oprecht geïnteresseerd of ben je jouw lijstje aan het afvinken? Stel alleen de vraag: ‘Hoe gaat het met je?’ of ‘Hoe was jouw dag?’ Met deze vragen luister je naar je tiener en kun je ook direct reageren. Communicatie met tieners is kwetsbaar… Ze kunnen snel de conclusie trekken dat je niet echt in ze geïnteresseerd bent.

In de praktijk blijkt dat een goed gesprek met jouw tiener de meeste kans van slagen heeft als je de tijd neemt om met hem of haar alleen te zijn. En dat is in onze haastige maatschappij nog niet zo makkelijk als het misschien op het eerste oog lijkt. We moeten tijd maken in onze agenda om elk kind apart deze aandacht te geven. Je kunt hierbij denken aan het brengen en halen naar sport, ‘even tijd alleen in de auto’, of samen iets leuks ondernemen.

Signalen
Een tiener die ergens mee zit of ergens over wil praten zendt signalen uit. Hij of zij komt jouw slaapkamer binnen dralen en lijkt wat vage vragen te stellen. Of je bent aan het koken en jouw tiener ‘hangt om jou heen’. Het is bijna niet voor te stellen maar dit zijn gouden kansen om met jouw tiener in gesprek te gaan… En nee, dit zijn niet altijd de meest handige momenten. Juist als we op zulke momenten de boodschap geven dat we beschikbaar willen zijn, voelen ze het vertrouwen om te delen wat ze bezighoudt. Deze gesprekken beginnen meestal met een zinnetje als: ‘O ja, voordat ik het vergeet…’ of ‘Ik heb een vraagje…’ Wees als ouders alert als je zo’n zinnetje hoort, wat jouw tiener eigenlijk wil zeggen is: ‘Ik wil wat met jou bespreken.’

Uitgestelde aandacht
Betekent dit dat je overal en altijd maar beschikbaar moet zijn voor een diepgaand gesprek? Nee zeker niet. Natuurlijk kan het zo zijn dat je op dat moment echt even geen tijd hebt. Benoem dit dan: ‘Hé, ik heb het gevoel dat je ergens mee zit…’ of ‘Ik heb het gevoel dat je ergens over wilt praten…’ ‘Ik moet nu eerst even dit afmaken, maar als ik dit heb afgerond heb ik alle tijd. Zullen we dan samen een wandeling maken?’ Dit kan jouw tiener in eerste instantie afschrikken, maar door te benoemen dat je echt wil horen wat hij/zij te zeggen heeft en daar tijd voor in te ruimen, zal jouw tiener daarin meegaan. Afhankelijk van de reactie kun je dan meebewegen zodat jullie een goed moment kunnen kiezen waarop het jullie allebei schikt.

Topje van de ijsberg
Wat tieners laten zien of vertellen is vaak het topje van de ijsberg. Neem niet te snel genoegen met de antwoorden die je krijgt. Ga de uitdaging aan om een stap dieper te gaan zodat je te weten komt hoe het nou echt met die tiener gaat. Voor ouders kunnen gesprekstechnieken ondersteunend zijn.

Goede vragen stellen, luisteren en doorvragen kunnen ervoor zorgen dat je meer van die ijsberg te zien krijgt. Door dit te doen voelt een tiener zich gehoord en zal eerder geneigd zijn wat hem of haar bezighoudt met jou te delen.

Om jullie als ouders te ondersteunen in de gesprekken met tieners een aantal tips:

LSD, luisteren, samenvatten en doorvragen

Luisteren
Goed luisteren is een kunst! Goed luisteren zorgt voor echte verbinding, voorkomt misverstanden en geeft tieners de mogelijkheid om hun verhaal echt kwijt te kunnen. Het belangrijkste om goed te luisteren is focus. En daar gaat het nog wel eens mis. Je kent het wel: Jouw tiener is wat aan het vertellen en je hoort een berichtje binnen komen op jouw telefoon. Je bent afgeleid en wil op jouw telefoon kijken. Zorg ervoor dat je met niets anders bezig bent als je met jouw tiener in gesprek bent. Luister met aandacht, onderbreek niet, geef geen advies of troost, stel niet gerust (ook niet in gedachten). Laat de tiener bepalen waar het gesprek over gaat en welke kant het op gaat.

Samenvatten
Actief luisteren betekent ook dat je de ander laat weten dát je luistert en daarmee geïnteresseerd bent in wat de ander te zeggen heeft. Door samen te vatten help je de ander om zijn gedachten te ordenen. Samen ga je na of je alle feiten op een rij hebt of dat de gebeurtenissen goed zijn weergegeven. Door af en toe samen te vatten kun je ook nagaan of je de tiener goed begrepen hebt. De tiener kan dan, indien nodig, nog dingen verbeteren, aanscherpen of bijstellen.

Doorvragen
Omdat je niet wilt dat een gesprek oppervlakkig blijft, maar juist de diepte ingaat vraag je door. Doorvragen is belangrijk. Het geeft de tiener de ruimte om meer te vertellen. Dit kan op elk moment tijdens het gesprek, maar zeker nadat je een samenvatting hebt gegeven. Dit is het moment dat je de diepte ingaat! Je stelt een vraag omdat je meer wil weten of omdat je wilt checken of je jouw zoon of dochter goed begrepen hebt. In elk geval zorgt doorvragen ervoor dat je geïnteresseerd overkomt en het verdiept het gesprek. Doorvragen kan lastig zijn. Zeker als dit de emoties van de tiener raakt. Als je dit merkt kun je het bespreekbaar maken. “Joh, ik merk dat dit jou wat doet…’ of ‘Vind je het lastig om hierover te praten?” Als dat zo is, kun je er in het gesprek mee aan de slag.

Uitnodigende vragen
Om jouw tiener te helpen zijn verhaal te doen is het belangrijk om uitnodigende vragen te stellen. Open vragen zijn daarvoor het meest geschikt. Dit zijn vragen die uitnodigen om te vertellen en ruimte bieden om zelf iets onder woorden te brengen.

Een open vraag begint meestal met de woorden:

  • Wie
  • Wat
  • Waar
  • Wanneer
  • Hoe

Het is bijna niet mogelijk om een vraag die met één van deze vraagwoorden begint met ‘ja’ of ‘nee’ te beantwoorden. De ander kan natuurlijk wel proberen een antwoord van één woord te geven maar meestal lok je met een open vraag minstens een hele zin uit.

Gesloten vragen zijn vragen waar een tiener alleen maar met ‘ja ’of ‘nee’ op kan antwoorden. Deze vragen zijn natuurlijk niet helemaal verboden. Je kunt met een gesloten vraag een reactie van een tiener vragen of de tiener uitnodigen zijn verhaal kracht bij te zetten. Bijvoorbeeld: ‘Echt waar?’ Met gesloten vragen kun je ook iets samenvatten of bevestigd krijgen.

Duidelijkheid
Om duidelijk te krijgen hoe het echt met jouw tiener gaat kun je vragen naar de gevoelens die spelen en daarbij een voorstel doen welke behoeftes eronder liggen: ‘Voel je je ongerust over...?’ ‘Ben je teleurgesteld dat.…?’ ‘Heb je behoefte aan...?’ In dit soort gevallen is het beter om een gesloten vraag te gebruiken. De vraag: ‘Hoe voel je je daarbij?’ Is voor een tiener lastig te beantwoorden.

Realiseer je bij het stellen van deze vragen dat je zelf het antwoord niet kunt weten. Vragen geformuleerd als conclusie of interpretatie kunnen al snel als oordeel overkomen of de jongere het gevoel geven niet begrepen te zijn. Voel maar: ‘Dus je bent gefrustreerd.’ ‘Ik weet dat je ongerust was.’ ‘Ik zie dat je teleurgesteld bent.’ Niemand wil zich dat laten zeggen. De ander kan alleen zelf voelen wat er gaande is. Je kunt hooguit de jongere helpen te verwoorden wat hij voelt door te vragen naar welke behoefte eronder ligt. Pas er dus voor op dat je niets invult maar alles in de vraagvorm houdt.

Wees een OEN
Benader jouw puber Open, Eerlijk en Nieuwsgierig. Niets is irritanter dan iemand die steeds zijn eigen idee of verhaal in het gesprek gooit. Is deze persoon nu nieuwsgierig naar jouw verhaal of wil hij gewoon zijn eigen verhaal kwijt? Open: Hoor en accepteer het verhaal van de ander. Eerlijk: Als je moeite hebt met de informatie of het gesprek, dan breng je dit eerlijk naar voren. Nieuwsgierig: Probeer je te verplaatsen in de situatie en luister. Dan krijgt het gesprek de juiste toon. Besef dat je met sommige vragen eigenlijk alleen jouw eigen nieuwsgierigheid bevredigt en dat het de verteller afleidt van zijn verhaal. Elke vraag die informeert naar het wie, wat, waar, wanneer en waarom kan dat effect hebben. Van een waaromvraag schieten veel mensen zelfs in de verdediging, wat een verbinding tussen jou en de ander in de weg staat. Voel maar: ‘Waarom heb je dat op deze manier gedaan?’ of ‘Waarom heb je deze keuze gemaakt?’ Je merkt gelijk dat je in de verdediging wil schieten. Wees je daarvan bewust en let daarom goed op de manier waarop je de vraag stelt.

Laat OMA thuis
Oordelen, Meningen en Adviezen. Iedereen heeft in het gesprek met een ander zijn eigen OMA‘s. Zet deze even aan de kant. Het gaat nu om het verhaal van de tiener. Probeer niet gelijk met suggesties of tips te komen, deze staan namelijk het goed luisteren in de weg.

Openheid
Een gesprek zal nooit diepgang krijgen als je niet zelf bereid bent om open te zijn. Want hoe kun je van een tiener verlangen zich kwetsbaar op te stellen als je dat zelf niet doet. Een gesprek is tweerichtingsverkeer en geen ondervraging. Deel daarom ook uit jouw eigen leven maar blijf er wel voor zorgen dat de tiener centraal blijft staan. Bijvoorbeeld: ‘Vervelend om niet te weten waar je aan toe bent hè? Dat vind ik zelf ook altijd lastig. Maar vertel eens, hoe ga jij daarmee om?’

Afronding
Het is goed om een diepgaand gesprek ook af te ronden. Je maakt dan als het ware de cirkel rond. Dit doe je door jouw tiener te ondersteunen in het zélf zoeken naar oplossingen, antwoorden of dingen die ondernomen moeten worden. Vraag of hij of zij nu verder kan en vraag vervolgens hoe jij kunt ondersteunen. Wat heeft de tiener daarin van jou nodig? Maak hier samen concrete afspraken over. Het is mooi om zo’n gesprek af te sluiten met gebed. Niet elke jongere wil dit. Dwing hier niet toe maar laat de keuze aan de tiener. Je kunt wel aangeven dat jij voor hem of haar zal bidden.


Gebruikte bronnen:

  • Handboek voor kinder- en jeugdpastoraat, C. Rietberg en C. Matsinger
  • Handboek voor jeugdleiders, C. Rietberg, A. Maliepaard en H. de Gier
  • Omgaan met tieners…een kunst apart, Dr. Ross Campbell
  • Training in gesprek met tieners, Zorg voor jongeren, www.zorgvoorjongeren.nl

© Zorg voor Jongeren

Zorg voor Jongeren

Zorg voor Jongeren ondersteunt ouders en kerken in de zorg voor jongeren. Hun focus ligt vooral op preventieve zorg: toerustingen/cursussen voor ouders in (geloofs)opvoeding, toerusting/begeleiding van kerken in jeugdwerk en jeugdpastoraat.

Tags
Pubers
Openheid
Communicatie
Vragen
In gesprek
8-12 jaar
13-16 jaar
Literatuurtip
Gezinsmomenten rond verhuizing

Een verhuizing is een grote overgang voor je kind. Daarom is het goed om je kind erop voor te bereiden. Deze handreikingen voor gezinsmomenten helpen je daarbij. Er zijn Bijbelgedeelten en vragen om te praten over Bijbelse personen die gingen verhuizen. Samen met je kind ontdek je hoe het voor hen was en wat God voor hen betekende in die tijd.

Magazine Geloof in het gezin

Bij de lancering van de website hebben wij een eenmalig magazine uitgegeven met interessante artikelen, handige tips, overzichten, ervaringsverhalen, links en nog veel meer. Inspirerend om zelf te lezen, maar ook opbouwend om samen met een vriendin te bespreken of op een opvoedkring te behandelen!

Bekijk het magazine hieronder online.

De allerbeste wensen. Aan de slag met opvoedingsidealen

Een boek over opvoedingsidealen dat richting geeft aan ouders om dagelijkse keuzes te maken. Het boek is ook geschikt om met uw partner of met een kring te bespreken door de gespreksvragen die erin staan.

Dit boek gaat over jouw handelen als opvoeder en je opvoedingsidealen die hieronder liggen. Het nadenken over die idealen en de praktische invulling ervan blijkt voor veel ouders motiverend en helpend. Vanuit de Bijbel doen de auteurs je handreikingen om na te denken over je eigen opvoedingsidealen en over hoe je die in praktijk kunt brengen.

Ieder hoofdstuk stelt een door ouders veel genoemd opvoedingsideaal aan de orde: een gelovig kind, een gelukkig kind, een sociaal kind, een zelfstandig kind, een succesvol kind en een verantwoordelijk kind. Naast informatie over het ideaal bevat elk hoofdstuk voorbeelden, verwerkingsopdrachten, verdiepingskaders en een Bijbelstudie. Het boek is uitstekend geschikt voor een kring of cursus over opvoeden en kan ook goed individueel worden gebruikt.

Ook de projectleiders van Geloof in het gezin hebben een bijdrage geleverd aan dit boek.

Download hieronder hoofdstuk 6 uit dit boek!