“En nu hak ik Goliaths kop eraf!”

20 juni
Ingrid Plantinga
Tot je schrik hoor je dat je lieve kleuter roepen terwijl hij enthousiast zwaait met een zwaard en pogingen doet om het hoofd van een pop eraf te slaan. Wat doe je dan? a. Je grijpt meteen in en neemt hem het zwaard voor de komende dagen af. b. Je besluit om dergelijke passages voortaan weg te laten als je voorleest uit de (kinder)Bijbel. c. … of tja, wat eigenlijk? Zijn er nog meer opties?

Deze vraag leg ik voor aan mijn buurvrouw en vriendin Marion Weerman die orthopedagoog is. Zij kan mij vertellen dat het naspelen van verhalen een vorm van verwerking is voor een kind. En absoluut geen latente vorm van gewelddadig gedrag. Je kind wordt er dus niet agressief van als hij naspeelt hoe Kaïn zijn broer doodslaat. Voor een kind is het ook helemaal geen vorm van agressie, maar puur verwerking van het verhaal dat hij gehoord heeft.

Als je je kind hiervoor bestraft en het spel aan banden legt, maak je het veel groter dan het is. Je koppelt jouw associaties en emoties aan het spel van je kind en veroordeelt je kind op basis daarvan. Maar een kind heeft die associaties die jij hebt bij dood en geweld meestal nog helemaal niet.

Ik moet denken aan mijn dochter van twee die mij wijst op een dood vogeltje en zonder enige emotie zegt: ‘hij doet het niet meer hè mam?’. Zij was op dat moment geen gevoelloos monstertje, maar had nog geen ervaringen opgedaan met het fenomeen dood. Zij kon aan het begrip dood nog niet de associaties koppelen die ik erbij heb. En daarom kon ze er nuchter naar kijken. Op diezelfde manier kan een kind dus gewelddadige verhalen naspelen zonder dat dit voor hem een vorm van agressie is.

De verwerking door het naspelen is juist goed voor je kind. Het geeft aan dat je kind ermee bezig is. Daar kun je op inhaken en het gesprek erover aangaan. Speelt je kind regelmatig dat hij iemand doodmaakt dan is hij waarschijnlijk aan het verkennen wat het begrip ‘dood’ inhoudt. Als je er met hem over in gesprek gaat kun je op zijn niveau proberen uit te leggen wat het betekent als iemand sterft en waarom mensen daar verdrietig van worden. Op die manier groeit je kind in zijn begrip.

Als je het spel zou afkappen en afkeuren maak je het onbespreekbaar. En je kind kan niet goed begrijpen waarom het niet mag. Jij hebt de regie in dat geval. Als je een kind wel de ruimte geeft om te verwerken door spel en gesprek houdt het kind zelf de regie. Het leert er zelf mee omgaan en dat geeft zelfvertrouwen. Pas als een kind obsessief blijft hangen in een bepaald spel is dat een signaal dat de verwerking niet lukt en is meer begeleiding nodig.

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Marion Weerman, orthopedagoog.

Ingrid Plantinga

Ingrid Plantinga

Ingrid Plantinga-Kalter is theologe en moeder. Ze heeft Geloof in het gezin mede opgezet en geeft toerusting over geloofsopvoeding. Daarnaast ontwikkelt ze voor het Praktijkcentrum producten op het gebied van bijbelstudie, catechese en liturgie.

Tags
Geweld
Bijbellezen
4-7 jaar
8-12 jaar
13-16 jaar
Literatuurtip
Gezinsmomenten rond verhuizing

Een verhuizing is een grote overgang voor je kind. Daarom is het goed om je kind erop voor te bereiden. Deze handreikingen voor gezinsmomenten helpen je daarbij. Er zijn Bijbelgedeelten en vragen om te praten over Bijbelse personen die gingen verhuizen. Samen met je kind ontdek je hoe het voor hen was en wat God voor hen betekende in die tijd.

Magazine Geloof in het gezin

Bij de lancering van de website hebben wij een eenmalig magazine uitgegeven met interessante artikelen, handige tips, overzichten, ervaringsverhalen, links en nog veel meer. Inspirerend om zelf te lezen, maar ook opbouwend om samen met een vriendin te bespreken of op een opvoedkring te behandelen!

Bekijk het magazine hieronder online.

De allerbeste wensen. Aan de slag met opvoedingsidealen

Een boek over opvoedingsidealen dat richting geeft aan ouders om dagelijkse keuzes te maken. Het boek is ook geschikt om met uw partner of met een kring te bespreken door de gespreksvragen die erin staan.

Dit boek gaat over jouw handelen als opvoeder en je opvoedingsidealen die hieronder liggen. Het nadenken over die idealen en de praktische invulling ervan blijkt voor veel ouders motiverend en helpend. Vanuit de Bijbel doen de auteurs je handreikingen om na te denken over je eigen opvoedingsidealen en over hoe je die in praktijk kunt brengen.

Ieder hoofdstuk stelt een door ouders veel genoemd opvoedingsideaal aan de orde: een gelovig kind, een gelukkig kind, een sociaal kind, een zelfstandig kind, een succesvol kind en een verantwoordelijk kind. Naast informatie over het ideaal bevat elk hoofdstuk voorbeelden, verwerkingsopdrachten, verdiepingskaders en een Bijbelstudie. Het boek is uitstekend geschikt voor een kring of cursus over opvoeden en kan ook goed individueel worden gebruikt.

Ook de projectleiders van Geloof in het gezin hebben een bijdrage geleverd aan dit boek.

Download hieronder hoofdstuk 6 uit dit boek!