De relatie tussen ouders en pubers

10 januari
Nico van der Voet
Even een doordenkertje: Wat is de puberteit? Antwoord van een puber: dat is de tijd waarin je ouders moeilijk tegen je doen! Wie een moeder wil horen zuchten omdat zij van het omgekeerde overtuigd is, kan luisteren naar de Mom Song.

Pubers worden in een paar fasen groot

12-14 jaar:
Ontdekken lichaam maakt onzeker, stemmingswisselingen, groei, meisjes gaan sneller, horizon wordt wijder, eerste experimenteergedrag

Kijk op de ouders: niet meer het lichtende voorbeeld. Identificatiefiguren buiten het gezin. Ouders van klasgenoten worden soms leuker gevonden. Ze zien voor het eerst echt de fouten en tegenstrijdigheden van de ouders en wrijven die onder de neus. (‘Waarom moet ik naar de kerk, u zit zelf te slapen. Waarom moet ik hard werken? U bent zelf ook twee keer blijven zitten.’)

  • in deze fase kind van nabij volgen en begeleiden (ondanks verzet); duidelijk leiding geven en beslissingen nemen; regels en grenzen stellen heel belangrijk. (Je gaat mee naar de kerk. Je maakt eerst je huiswerk voor je naar buiten gaat).
  • teveel vrijheid geven, is vaak luiheid van ouders / geen zin in gezeur hebben. Maakt ze ten diepste onzeker. Opvoeden vraagt nu inspanning. Bijv. helpen bij huiswerk: vaak niet leuk en toch nodig. Laat niet te snel alles zelf uitzoeken.
  • meer ruimte om te onderhandelen, maar niet alles accepteren. Vrijheid koppelen aan verantwoordelijkheid. Ondanks verzet dikwijls opgelucht over duidelijkheid.
  • Geen machtsstrijd, niet bij voorbaat stekels opzetten en je kind negatief benaderen (funest voor zelfbeeld!), ook pubers hebben vitamine ABC nodig.
  • normaal overleg levert meer gezag op (niet tegenin, niet los van, maar samen met; zelfs als uw kind tegenin of los van wil en het gesprek ‘gezeur’ noemt).
  • zo natuurlijk mogelijk (afwas, auto) Niet ineens met bakje pinda’s de trap op gaan.
  • discussie, advies, onderhandelen, zelden nog autoritair optreden
  • ook nu niet: zoek het maar uit; wees een stimulans, een vriend(in) maar niet al te close
  • zo niet, dan blijft de hinderpaalrol de ouders toebedeeld
  • Niet treuren dat ze afstand nemen, geheimen hebben. Over tien jaar praten ze wel weer, zij het nooit meer zo als vroeger (doet u ook niet!)

15-16 jaar:
Op zoek naar eigen identiteit los van thuis, optrekken met groepjes (puber valt daar niet op en doet ideeën op); extreem afhankelijk van mening leeftijdsgenoten; doet stoer maar voelt zich onzeker; eerste ervaringen met sexualiteit (maar praat er thuis niet over);

Kijk op ouders: kind ziet ouder als hinderpaal bij opgroeien, ‘ik mag niks’, maar thuis blijft veilige haven. Ze hebben thuis ook nog 100% nodig (geld!), en dat lijkt soms de enige binding met thuis te zijn. Grappig blijft: tegenover anderen (ouderen) zijn de meeste pubers best positief over hun ouders

17-18 jaar:
Echt zelfstandig worden, eigen mening los van ouders, los van vrienden, positief zelfge­voel, geweten werkt, stelt zich doelen en wil ervoor werken, wil nadenken over waarom iets wel of niet mag, denkt na over waarde relaties, accepteert compromissen; geeft veel geld uit.

Kijk op ouders: van hinderpaal worden de ouders steeds meer steunpilaar; ze voelen zich erg wijs en volwassen tegenover de ouders

Dit is een globale indeling. Ouders die onderhandelen met een kind van 13 over huiswerk maken, doen het fout. Ouders die een knul van zeventien woedend ontvangen omdat hij een half uur te laat uit school thuiskomt doen het ook fout. Hoe je reageert op jongeren die zich niet aanregels en plichten houden, hangt dus mede van hun leeftijd af.

Zelfstandig worden
Autonomie ontwikkelen; loskomen van de ouders is risicovol, met name omdat pubers / jongeren zich dikwijls verbeelden zelfstandig te zijn, maar intussen in de ban zijn van verkeerde machten. Zelfstandig worden doen de pubers in meerdere opzichten, zoals:

  • emotioneel (toch hebben ze nog steeds nestwarmte nodig – wat biedt u, wat biedt de kerk op dit punt?)
  • rationeel (ze krijgen een eigen visie, ook eigen morele ideeën – wat bieden kerk en christelijk onderwijs? Mogen ze van u een eigen visie hebben?)
  • godsdienstig (het geloof verdwijnt of wordt een persoonlijke belijdenis – hoeveel ruimte krijgen ze om die zelf te ontdekken?)
  • Psychisch: ADHD, trauma’s, identiteitsproblemen, karaktertrekken die onevenwichtig worden
  • Stiefsituatie en adoptie kunnenextra moeilijk zijn (negatief zelfbeeld; ingewikkelde gezinsrelaties)
  • Gemis van een ouder maakt het extra zwaar (stoer doen / niet praten / uitstellen rouw)

Complicaties
Dit was het verhaal als het goed gaat. Er zijn veel complicaties mogelijk.

Zelfs voor de beste ouders kan een opgroeiend kind daardoor onbereikbaar worden. Voel u niet schuldig. Zoek de mogelijkheid van een gesprek met derden, zoals een leerlingbegeleider, de moeder van de vriendin. Zoek ook voor uzelf steun.

Kinder- en puberwapens
Elk kind zal strijden om zijn zin te krijgen. Dat is gezond. Elke ouder die OM DE LIEVE VREDE toegeeft, zal meer en fellere strijd tegemoet kunnen zien. Toegeven leidt tot nieuwe teleurstellingen. Toegefelijke ouders zijn ook beangstigend voor een kind. Er is geen houvast.

  1. Drammen, zeuren, doorzagen -> nooit op ingaan
  2. Schreeuwen, schelden, woedend of hysterisch worden (vooral in 't openbaar!) -> niet terugschreeuwen, niet negeren, emotie begrijpen en gedrag afkeuren
  3. Stommetje spelen -> niet teveel aandringen op contact, probeer het speels (een briefje)
  4. Op je gevoel spelen (ik haat je), verleiden (pa jij begrijpt me beter dan ma) -> laat je niet van de wijs brengen
  5. Misleiden (iedereen mag het) -> check het
  6. Geweld gebruiken -> in de kiem smoren, niet zwijgen, nog meer dan anders: ouders één front
  7. Dreigen (met geweld, met weglopen, met zelfdoding) -> ouders ervaren dit als een dilemma en geven toe. Dom. Niet toegeven gaat misschien fout, wel toegeven gaat altijd fout. Zoek hulp, plaats het kind eventueel tijdelijk uit huis.

Basisvoorwaarden voor ouders voordat ze de confrontatie met hun pubers aangaan

  1. Hoe tevreden ben ik met mijzelf? -> wie zichzelf in de weg zit kan moeilijk problemen oplossen met pubers. Wie ontevreden is over zichzelf ervaart ook meer onvrede over zijn kinderen.
  2. Hoe belangrijk is het probleem? -> Is het een belangrijk probleem in het belang van het kind? Of is het een lastig probleem voor de ouders? Ouders vergeten soms dat problemen in rangorde verschillen (onplezierig gedrag – de puber is onvriendelijk, piept voor bij de kassa – onverstandig gedrag – de puber rookt drugs – onwettig gedrag – de puber is crimineel. Ouders moeten niet op alles even zwaarwichtig reageren.
  3. Welke gevoelens roept het probleem op? -> Let op: gebeurtenis (gedrag puber) - gedachten - gevoel - gedrag (je reactie). Wat gebeurt roept je gevoel niet op, maar je eigen gedachten. Die zijn te veranderen. Negatief denken kan positief denken worden.
  4. Hoe gaat het globaal met mijn kind? -> Thuis, school, werk, sociaal, zelfbeeld, geweten, agressie. Als dat allemaal positief is: geen gezeur van ouders!
  5. Hoe is mijn relatie met mijn kind -> samen praten, samen doen, gevoel bij samen zijn, wederzijds respect; als dat allemaal slecht is, zijn problemen erg moeilijk op te lossen
  6. Hoe is mijn relatie met de andere ouder? -> grootste geschenk..., eensgezindheid nodig. Gebrek aan eensgezindheid veroorzaakt bij een kind angst, depressie en agressie. Een conflict tussen ouders is voor een kind een onoplosbaar loyaliteitsprobleem. Echt­scheiding is dus een ramp, vooral voor pubers.

Werk als ouder aan deze punten om je ouderlijke visie op het probleemgedrag van je kind scherper te krijgen; als leerlingbegeleider kun je er vragen over stellen om jouw eigen beeld scherper te krijgen

Hoe benader je de puber zo goed mogelijk?

  1. Observeren, niet interpreteren -> tellen, noteren, beschuldig niet met ‘nooit’ of ‘altijd’, over de interpretatie praten met de andere ouder
  2. Echt luisteren -> één ding tegelijk bepraten (niet als iemand te laat komt, ook beginnen over roken), geconcentreerd luisteren, controleer begrijpen
  3. Gezonde autoriteit -> loslaten en meer vrijheid geven moeten toenemen; maar de ouders hoeven 'bemoei je er niet mee' niet te accepteren. Vrijheid en verantwoordelijk­heid moeten samengaan. Onvoldoende leiding maakt kinderen onhandelbaar. Beter iets te streng dan te slap. Dan hebben ze iets om tegen te botsen. Bij slappe ouders verleggen ze hun grenzen telkens. Na twaalfde jaar een onoplosbaar probleem!
  4. Structuur: regels en afspraken -> beter te strak dan te weinig. Ze zullen botsen, geeft niet. Het opleggen wordt steeds meer overleggen (lijstjes)
  5. Eensgezind ouderpaar -> nooit elkaar afvallen bij belangrijke zaken (desnoods om de dag de leiding hebben!). Tegelijkertijd: wordt als ouders nooit een blok beton voor je kind. Het kind mag ook weten dat het bij de ene ouder voor een bepaalde zaak meer begrip kan verwachten dan bij de andere.
  6. Respect tonen en eisen -> slappe ouders krijgen weinig respect en waardering. Ze eisen het ook te weinig en slikken teveel ('Klootzak'). Ouders moeten ook respect voor het kind tonen.
  7. Opbouwende kritiek -> keur gedrag af, val de persoon niet aan, stel vragen, wijs op positiever gedrag, accepteer de emoties.
  8. Voldoende toezicht -> controleer en onderneem actie waar nodig
  9. Complimenten -> beter dan kritiek, haalt positieve omhoog, ABC. Gebeurt te weinig. Waardeer positieve experimenten, kraak niet af.
  10. Goed onderhandelen -> Bij oudere kinderen; luister, toets, reageer. Sluit eventueel compromissen. Wees zelf voorbeeld in onderhandelen en conflicthantering:
    • Let op goede tijdstip van gesprek met kind (afwas, auto, als de kleintje naar bed zijn, geen discussies op de valreep)
    • Wat is het probleem (benoem het neutraal, niet teveel emoties, laat verleden rusten, stel geen waaromvragen; wees niet bang voor kritiek)
    • Hoe kunnen we tot een oplossing komen (bekijk veel mogelijkheden in tweerichtingsver­keer; probeer je kind te begrijpen; jij bent ook jong geweest; wees echter niet slap)
    • De uitvoering; werkt de oplossing?
    • Controle en gesprek achteraf

Wat doen als dit niet voldoende helpt?
Afspraken worden niet nagekomen, regels geschonden, experimenteren loopt uit de hand, gedrag ontspoort: stelen, liegen, vandalisme. Zet op een rij winst en verlies voor hem of voor jou bij bepaalde actie. Treed dan (niet) op.

- vergroot de winst met belonen (prijzen, privileges met punten verdienen)

- vergroot het verlies met straf (eerlijk, aangekondigd en consequent straffen, direct na overtreden, niet dreigen met te grote straffen, blijf rustig; innemen van privileges -> huisarrest, kamerarrest, time-out (op de gang) niets meer zeggen, taakstraf om iets goed te maken, ouderstaking, het nulprogramma)

Waarom zwijgen zoveel pubers?
Als een puber het moeilijk heeft met zichzelf, als hij trauma’s heeft of andere complicaties doormaakt, wat dan ook, hoe stelt hij zich dan op t.o. zijn ouders? Doorgaans zwijgt een puber. Want hij denkt:

  • ze begrijpen me toch niet;
  • ze worden vast boos
  • ze zijn zo gelukkig (en dat wil ik niet verstoren)
  • ze zijn al ongelukkig (en dat wil ik niet verergeren -> dit zie je nog wel eens in gezinnen waar al een probleemkind is)

Zelfs voor de beste ouders kan een opgroeiend kind daardoor onbereikbaar worden. Schuldgevoelens zijn dan begrijpelijk maar zinloos. Ouders kunnen beter steun zoeken bij derden, zoals de leerlingbegeleider, de moeder van de vriendin. Ze kunnen ook puur voor zichzelf steun zoeken als hun kind dat niet wil.

Oproep aan alle ouders
Houd het meest van je kinderen als ze dat het minst verdienen, want dan hebben ze dat het hardste nodig.

Nico van der Voet

Nico van der Voet is spreker, schrijver en docent aan de Christelijke Hogeschool Ede (afdeling HBO-theologie), zie ook www.nicovandervoet.nl.

Tags
Opvoeding
Loslaten
Bijbels opvoeden
Dagelijks leven
13-16 jaar
Literatuurtip
Doopbox voor ouders

Met de doopbox biedt u als kerkenraad ouders en verzorgers een inhoudsvol cadeau. Het is een manier om ouders bewust te maken van hun prachtige taak in de christelijke opvoeding. De doopbox is zo ontworpen dat u de mogelijkheid heeft zelf nog aanvullend iets toe te voegen. Lees voor meer informatie de blog over dit materiaal.

Geloven in opvoeden

Het boek geeft ouders adviezen en vaardigheden mee die hen helpen weer in hun opvoeding te gaan geloven. En ouders worden toegerust om gestalte te geven aan de geloofsopvoeding in het gezin.

In het werkboek dat erbij aangeschaft kan worden, staan vragen en werkvormen om mee aan de slag te gaan.

Parenting Children Course

De Parenting Children Course is een plek voor ontmoeting, herkenning en inspiratie. Je praat samen met andere ouders over herkenbare uitdagingen en ontvangt handvatten, tips en nieuwe ideeën voor thuis. Want iedere ouder wil graag het beste voor zijn kind!

Loop je rond met vragen over opvoeding? Vraag je je af hoe jij je kinderen kunt stimuleren in hun ontwikkeling? Hoe je belangrijke waarden integreert in je opvoeding? Ben je op zoek naar een juiste balans tussen loslaten en grenzen stellen? Dan is Parenting Children Course echt iets voor jou! De cursus is voor ouders van 0 tot 10-jarigen. Het is voor iedere ouder, ongeacht burgerlijke staat, culturele achtergrond of levensovertuiging. De Parenting Children Course is gebaseerd op christelijke principes, maar is relevant voor zowel christelijke als niet-christelijke opvoeders.